Nieuws

Failliete autohandelaar half jaar lang gegijzeld op last curator

Een autohandelaar uit Almelo is na een faillissement een half jaar gegijzeld © RTV Oost
Omdat hij de curator weigerde inzage te geven in de administratie van het bedrijf waarvan hij eigenaar was, is een autohandelaar een half jaar lang gegijzeld geweest. Nadat de ondernemer uiteindelijk aangaf de gevraagde stukken af te zullen geven, werd hij twee weken geleden weer op vrije voeten gesteld. Maar uit onderzoek door de curator blijkt nu dat de door de autohandelaar overhandigde jaarrekeningen zijn vervalst.
De autohandelaar zal wegens onbehoorlijk persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor de financiële tekorten in het faillissement. Die zijn inmiddels becijferd op ruim een half miljoen euro.
Dat blijkt uit het vandaag gepubliceerde faillissementsverslag van curator Wouter Weenink.
Dat een ondernemer een half jaar in een cel wordt vastgezet (zogenoemde faillissementsbewaring) is uitzonderlijk lang. Maar in dit geval greep Weenink naar dit rechtsmiddel omdat de betreffende ondernemer ondanks herhaalde verzoeken telkens maar niet over de brug kwam met de financiële documenten die de curator nodig had om onderzoek te kunnen doen naar de achtergronden van het bankroet.

Katvanger

In deze zaak draait het om het faillissement van autohandel De Zwart Services. Dit bedrijf was voorheen gevestigd in Amsterdam, maar werd enkele maanden voordat het in augustus vorig jaar op de fles ging overgeschreven naar een adres in Almelo.
Uit onderzoek door curator Weenink werd duidelijk dat de oorspronkelijke eigenaar vlak voor het faillissement het bedrijf op naam had gezet van een katvanger. Die ontving daarvoor duizend euro. Dat geld heeft hij vrijwel direct betaald aan iemand die hem chanteerde.
Deze stroman verklaarde tegenover de curator dat hij bedreigd werd en dat dat de reden was waarom hij het bedrijf op zijn naam had laten zetten. Kort daarop zouden de bedreigingen zijn opgehouden.

Stroom aanmaningen

Maar vervolgens dienden zich nieuwe problemen aan. De nieuwe eigenaar van het bedrijf kreeg te maken met een niet aflatende stroom aanmaningen en bezoekjes van de deurwaarder. Waarop hij besloot het faillissement aan te vragen.

Gijzeling

Voor zijn onderzoek ging de curator in gesprek met de oorspronkelijke eigenaar van het bedrijf en vroeg om de benodigde financiële gegevens. Omdat de autohandelaar ondanks meerdere verzoeken niet met de stukken op de proppen kwam, werd hij in gijzeling genomen.
Nadat deze termijn meermalen werd verlengd en hij zodoende circa een half jaar lang achter de tralies zat, kwam de autohandelaar alsnog met de gevraagde documenten. Waarna hij twee weken geleden weer werd vrijgelaten.

Vervalste jaarrekening

In zijn faillissementsverslag schrijft de curator dat hij deze ingeleverde 'jaarrekeningen' bewust tussen aanhalingstekens plaatst. "Omdat eigenlijk niet van jaarrekeningen kan worden gesproken. De jaarrekeningen zijn aantoonbaar vals en voldoen op geen enkele wijze aan de voorschriften."
De curator zegt te vermoeden dat de ingeleverde financiële stukken zijn gemaakt aan de hand van de bankafschriften zoals de curator die eerder aan de voormalig bestuurder heeft overhandigd.

Aangifte verduistering

Voor zijn faillissementsonderzoek heeft de curator via het landelijke kentekenregister kunnen nagaan dat er nog drie auto's op naam van het bedrijf stonden. Omdat deze voertuigen spoorloos waren verdwenen, deed de curator aanvankelijk aangifte van verduistering. Maar later doken twee auto's - een Volkswaren Golf en een Renault Mégane - toch weer op.
De auto's dienden echter als onderpand voor een geldverstrekker, waarbij de autohandelaar ooit een krediet had aangevraagd.
Deze financieringsmaatschappij meldde zich op haar beurt bij de curator als een van de schuldeisers en claimde nog bijna zeventig mille tegoed te hebben.

'Vervelende discussie'

De curator schrijft in zijn nieuwste verslag dat hij "een vervelende discussie" met de kredietverstrekker (de zogenoemde pandhouder) te hebben gevoerd. Reden is dat de pandhouder de twee auto's via executie heeft verkocht, terwijl de curator meent dat deze veiling nooit had kunnen plaatshebben als hij de auto's niet had opgespoord.
Uiteindelijk is besloten tot een compromis dat tien procent van de opbrengst - minus de onkosten - naar de curator zou gaan. Uiteindelijk leverde dat "maar liefst 35 euro" op, zo schrijft de curator in zijn verslag. Onder meer omdat de auto's - zo gaf de pandhouder tegenover de curator aan - in uiterst deplorabele staat verkeerden.

Aansprakelijk gesteld

Al met al komt de curator tot de conclusie dat de voormalig directeur-bestuurder van de autohandel niet heeft voldaan aan de boekhoudplicht en dat er wat hem betreft sprake is van onbehoorlijk bestuur. "Vermoed wordt dat dit onbehoorlijk bestuur een belangrijk oorzaak van het faillissement is geweest."
Dit onbehoorlijk bestuur is voor de curator aanleiding om de autohandelaar persoonlijk aansprakelijk te stellen voor de schade rond het faillissement, zo laat Weenink desgevraagd weten in een toelichting op zijn verslag.
De totale schuldenlast bedraagt intussen ruim een half miljoen euro. Zo heeft de fiscus zich gemeld en zegt nog vier ton tegoed te hebben. Daarnaast claimen drie andere schuldeisers dat het bedrijf nog voor ruim 111.000 euro bij ze in het krijt staat.

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via WhatsApp of via de mail.